Auteursarchief: Rob de Vos

Limburgse huisarts en apothekers in het geweer

Huisarts Rob Elens heeft zich laten interviewen door BlueTiger Studio’s. Elens is de Meyelse (Limburg) huisarts die aan een aantal met het coronavirus besmette patiënten  hydroxychloroquine , zinkorataat en azithromycine voorschreef, met zeer goede resultaten. Overigens deden meer huisartsen in Nederland (en daarbuiten) dit blijkbaar ook.

Hij liet zich interviewen door Omroep ‘Peel en Maas’, de gemeente waartoe Meyel behoort. Toen het videootje de lucht inging was het binnen no time een veelbekeken filmpje. Heel snel greep de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd in Heerlen in en verbood de huisarts de middelen te gebruiken. Overigens zonder opgaaf van redenen.

Elens kwam samen met de Meyelse apotheker Kuppens en apotheker Peterse uit Merum-Herten in het geweer en schreef een duidelijke brief aan de inspectie. Daarin stellen de ondertekenaars onder andere dat de gehele procedurele gang van zaken van de inspectie niet aan de beginselen van behoorlijk bestuur voldoet.

De hele brief kunt u hier lezen.

Intussen heeft Elens spijt van zijn eerste tv-optreden, niet vanwege de boodschap, maar omdat het daardoor aan alle huisartsen in Nederland (zgn. eerstelijnszorg) verboden is om de middelen te gebruiken. Volstrekt onredelijk vindt hij dat. Hij heeft vandaag samen met de apothekers een eigen website opgericht om de bevolking van informatie te voorzien over het coronavirus. Die website kunt u hier vinden. Daarop geeft Elens en de apothekers up-to-date informatie over het virus, en schrijven ze hoe thuis te handelen. Bovendien is er een aantal links te vinden naar interessante wetenschappelijke publicaties . Een prima initiatief lijkt me!

In het online interview met Blue Tiger spreekt Elens zonder meel in de mond, heel prettig. Hier is het interview:

 

Hendrik Streeck en corona

Prof. Hendrik Streeck legt voor stern-TV nogmaals uit wat hij en zijn team gevonden hebben in het veldwerkonderzoek in Gangelt (Duitsland) en waarover hij en anderen onlangs gepubliceerd hebben.

Wat niet in de publicatie staat (vergt nog nader onderzoek) maar wat wel als opmerkelijke conclusie uit het veldonderzoek kwam is dat besmetting via oppervlakten (deurknoppen, wc-brillen et cetera) mogelijk van veel minder belang is.  Dat hoort u op de volgende video vanaf 4:00

Die zon, die zon

De bijdrage over de zonnigste april ‘ooit/sinds 1901’ heeft me geïnspireerd om nog eens wat dieper in Nederland en het zonlicht te duiken.

Globale straling (invallend zonlicht) bestaat uit direct en diffuus licht. Direct licht komt uit de richting van de zon en heeft één invalshoek.  Diffuus licht is zonlicht dat door de atmosfeer is verstrooid en bevat alle invalshoeken. De zon is dan niet duidelijk of helemaal niet te zien, vaak vanwege bewolking. Direct licht geeft een scherpe schaduw, diffuus licht niet. Zonlicht bestaat altijd uit een combinatie van direct en diffuus licht, van bijna 100% direct als het onbewolkt is, tot bijna 100% diffuus als het zwaar bewolkt is.

Bron: Wikipedia

Het aantal zonuren is een belangrijke meteorologische parameter. Een zonuur is een uur waarin het invallende licht (voor een groot deel) bestaat uit directe straling. Tot 1992 werd in De Bilt het aantal zonuren gemeten met een Campbell-Strokes recorder.  Die heeft een glazen bol dat als brandglas werkt. Bij direct zonlicht brandt dat dan een lijntje in een papieren strook eronder. Sinds 1992 is dit mooie instrument vervangen door een wat saaiere elektronische pyranometer.

In de databank van het KNMI zijn de gegevens beschikbaar van het aantal zonuren per dag. De Bilt heeft de langste reeks, vanaf 1901, die gebruik ik. Ik heb van alle 12 maanden voor de jaren 1901 t/m 2019 het aantal zonuren berekend op basis van de daggegevens van De Bilt.

Hieronder zijn als voorbeeld de maanden januari en juni weergegeven. Lees verder

Belangrijke corona-publicatie uit Bonn

Belangrijke onderzoeksresultaten van het recente corona-veldwerk van prof. Streeck in het dorp Gangelt (Kreis Heinsberg) zijn gepubliceerd. De publicatie lijkt de eerste echt serieuze paper over het virus te zijn. De onderstaande samenvatting is van Ivo Schaefer (waarvoor dank!), zelf woonachtig in de streek.

De eerste grote besmettingshaard in Duitsland was het dorpje Gangelt in de ‘Landkreis Heinsberg’ en grensgemeente van het Nederlandse Schinveld. De bron van de besmetting is te herleiden naar een carnavalszitting in Gangelt waar veel mensen in een kleine ruimte bij elkaar waren. Hier is 1 ‘superverspreider’ geïdentificeerd.

Toen de besmettingen in Gangelt bekend werden is viroloog Dr. Hendrick Streeck met een aantal medewerkers een veldonderzoek gestart. Een maand geleden kwam Streeck met een tussenrapportage. Toen al werd duidelijk dat besmetting via oppervlaktecontact zeer onwaarschijnlijk is. Ook werd al bekend gemaakt dat de IFR, Infection Fatality Rate, dus de ratio tussen geïnfecteerden en uiteindelijke sterfgevallen bij 0,36% lag

Dat schoot sommige andere Duitse virologen in het verkeerde keelgat, want dat was niet wat hun modellen (!) voorspeld hadden en er moest dus iets mis zijn met het onderzoek van Streeck. Streeck werd publiekelijk verguisd. Zijn onderzoek zou slecht zijn uitgevoerd en zijn resultaten waren nog niet ‘peer reviewed’ dus moest hij zijn mond houden. Afgelopen week publiceerde Streeck zijn ‘peer reviewed’ onderzoeksrapport. De onderzoeksresultaten werden met name in de VS, Australië en Azië met enthousiasme ontvangen.

De belangrijkste bevindingen zijn:

– Besmetting vindt hoofdzakelijk plaats bij evenementen waar mensen dicht opeengepakt zijn.  De mate van besmetting is sterk afhankelijk van de afstand tussen mensen, de duur van de contacten en of het binnen dan wel buiten plaatsvindt.
– De mate van besmetting heeft direct invloed op de ernst van het verloop van de ziekte.
– 20 tot 30% van de geïnfecteerde mensen heeft een a-symptomatisch verloop, d.w.z. geen enkele tot wat lichte ziekteverschijnselen zoals diarree en vermoeidheid.
– Er is geen verschil in de hoeveelheid aangemaakte antilichamen van zwaar zieke mensen of mensen waarbij de infectie a-symptomatisch verlopen is.
-De IFR (infection fatality rate) is 0,37% plus of min een paar tienden. Een normale griepepidemie ligt bij 0,1% – 0,15%, een ernstige griepepidemie ligt bij ca. 0,3%

Verder zijn er aanwijzingen dat besmetting via oppervlakten mogelijk van veel minder belang zijn,  dit wordt nog nader onderzocht. (mondelinge mededeling vanaf 4:00 hier).

Aangenomen wordt dat het hebben van antilichamen bescherming biedt tegen een nieuwe besmetting. Dit dient nog verder onderzocht te worden. evenals of bescherming tijdelijk is of permanent. Streeck zal hiervoor een vervolgonderzoek optuigen.

Voor wie de publicatie zelf wil lezen, hier klikken.

Hier nog een recent interview met prof. Streeck:

 

 

CO2 en corona deel 2

Op 28 april j.l. schreef ik een artikel over het atmosferisch CO2 en de verminderde CO2 uitstoot vanwege de effecten van corona-maatregelen op de CO2 uitstoot. Ik schreef toen dat ik eigenlijk niets zag aan de data van het atmosferisch CO2 van NOAA.

Bron: Zoe’s blog

Blogster Zoe Phin deed iets interessants en vergeleek de dagelijkse CO2 trendcijfers van 1 mei met die van 1 januari daarvoor, en deed dat vanaf 2010. De grafiek hierboven toont het resultaat.

De bedoeling was om te bezien of in een tijdsbestek van 4 maanden de verminderde CO2 uitstoot zichtbaar was. Als er een flinke afname zou zijn van het atmosferische CO2, dan zou het verschil tussen 1 mei en 1 januari 2020 beduidend lager moeten zijn dan op dezelfde datums in de voorgaande jaren. Dat is hij niet, zo te zien.

Dezelfde techniek heb ik toegepast, maar dan in een continue reeks vanaf 1 mei 2010 t/m 1 mei 2020:

Data: NOAA

Wat we zien is een sterk slingerende reeks met grote ups en downs gedurende de afgelopen 10 jaren. Er lijkt sprake te zijn van een zekere periodiciteit van ongeveer 35 maanden. Maar de laatste top is opmerkelijk lager dan de voorafgaande en valt zo’n 44 maanden na de vorige top. Halverwege 2018 vlakt het signaal ruim een half jaar af, om daarna weer te stijgen. Ik weet geen verklaring voor wat ik hier zie.

Wel durf ik te beweren dat die lichte daling aan het einde van de grafiek geen duidelijk teken is dat het atmosferisch CO2 de afgelopen maanden gedaald is als gevolg van lagere emissies. Daarvoor is de daling in de laatste 4 maanden te gering. Bovendien lijkt die daling niet afwijkend te zijn van eerdere dalingen in de reeks.

Tot slot: van de totale flux aan CO2 die van de aarde de atmosfeer ingaat, is ongeveer 4,5% van menselijke oorsprong. De rest is afkomstig van natuurlijke bronnen zoals vulkanen, vegetatie en de oceanen. Volgens het IPCC wordt de helft van die 4,5% opgenomen door de oceanen, en is de rest (2,5%) verantwoordelijk voor de stijging van het atmosferische CO2. De uitstoot van de natuurlijke bronnen (96,5%) , zo meent men, verkeert in evenwicht met de CO2 flux richting aarde die opgenomen wordt door ‘sinks’ zoals oceanen.

De hypothese is dat een dergelijk evenwicht langzaam reageert op veranderingen en dat de ‘plotselinge’ toename van de uitstoot van CO2 door de mens sneller gaat dan de reactiesnelheid van het evenwicht. Daarom stelt het IPCC ook dat de stijging van het atmosferische CO2 voornamelijk door de mens veroorzaakt wordt. In dat licht bezien is het wel bijzonder dat we het resultaat van dit mechanisme niet terug vinden in het atmosferisch CO2. Als de uitstoot van CO2 vanwege de corona-perikelen fors is afgenomen, zoals de afgelopen maanden, dan verwacht je een onmiddellijke en herkenbare reactie in het atmosferisch CO2 gehalte. En die blijft uit. Een verklaring daarvoor heb ik niet.

Corona in Zweden 2

Data: folkhalsomyndigheten

Aantal corona gerelateerde overlijdens per dag in Zweden. De verschillen t/m 28 april zijn het gevolg van vertraging in de registratie. Het zou me niet verbazen als er uiteindelijk een nette Gaussiaanse verdeling zal ontstaan.

De excel-link naar deze data is hier te vinden.

April 2020 zonnigste sinds 1901?

Bron: KNMI

Bovenstaand bericht van het KNMI vertelt ons dat de afgelopen aprilmaand 2020 de zonnigste was sinds het begin van de metingen in 1901. Ik ga maar even voorbij aan het woordje ‘ooit’ in de titel, want daarvan kan men ook zonder meetgegevens rustig stellen dat dat onzin is. Over het land scheen gemiddeld 285 uren de zon. Het oude record was van april 2007 met 280 zonuren. ‘Over het land’ betekent het gemiddelde van alle metingen in het land. De verschillen tussen de stations waren beperkt, met een maximum van 287 uren op station Wilhelminadorp en 262 op Schiphol.

Maar nu is er iets raars, want ik lees dat april 2020 de zonnigste was sinds het begin van de metingen in 1901. Op Schiphol is men pas in 1963 begonnen met zonurenmetingen, en in Wilhelminadorp pas in 1991. Dus vanaf 1901 ontbreken in Wilhelminadorp 90 meetjaren. Die metingen begonnen in 1901 op station De Bilt en nergens anders. Dat lijkt me een goed startpunt voor een klein onderzoekje, dus ik heb van alle aprilmaanden van 1901 t/m 2020 in De Bilt het aantal zonuren per maand berekend en in een grafiek gezet:

Data: KNMI

Lees verder

Corona in Zweden

Data: Public Health Agency of Sweden

Dit is de grafiek van het aantal corona-gerelateerde doden per dag in Zweden t/m woensdag 29 april j.l. Antal avlidna betekent het aantal overledenen. De grafiek toont het aantal mensen met bevestigde covid-19 dat is overleden, ongeacht de doodsoorzaak. Interessant omdat Zweden als een van de weinige westerse landen nauwelijks lockdown maatregelen nam. De bron van de data is de Public Health Agency of Sweden. Dat is de officiële instantie die de coronadata bijhoudt en de primaire bron voor Zweedse data.

De excel-link naar deze data is hier te vinden.

CO2 en corona

Veel media schreven er al over: door de corona is de uitstoot van CO2 op aarde fors gedaald. RTL Nieuws schreef: “ Wereldwijd veroorzaakt de coronacrisis dit jaar een terugval van zo’n 1,6 miljard ton CO₂-uitstoot, berekende de website CarbonBrief. Dat is ruim 4 procent van de totale uitstoot, en daarmee de sterkste afname ooit. Die 4 procent is het gemiddelde over het hele jaar. Op het hoogtepunt van de maatregelen is de uitstoot nog een stuk lager. In China nam de uitstoot op het heftigste punt van de crisis zelfs af met 25 procent en is die nog altijd lager dan voor de uitbraak. In Europa lijken we nu op hoogtepunt van de lockdown te zitten.”

Nu, dat klinkt veelbelovend. Daarom keek ik of de metingen in Hawaï, op Mauna Loa, dat ook laten zien. Immers, als je minder uitstoot komt er minder in de atmosfeer. Op Hawaï wordt al sinds 1958 het atmosferisch gehalte van CO2 gemeten. Ik keek naar de wekelijkse cijfers. Omdat er een grote jaarlijkse gang in de cijfers zit vanwege de vegetatie op het noordelijk halfrond heb ik van 2015 t/m 2020 de wekelijkse cijfers van de maanden januari t/m april op een rijtje gezet en vergeleken. Het cijfer van deze laatste aprilweek is nog niet meegenomen, maar als het goed is moet de ‘coronakrimp’ van het CO2 waarneembaar zijn:

Data: NOAA

Lees verder