Academische onfeilbaarheid

Foto:  Volkskrant

Kort geleden schreef ik over een mooie bijdrage van politiek commentator Martin Sommer in de Volkskrant (hier). Sommer fileerde graatloos de klimaatpolitiek in Nederland.  Nou ja, graatloos, een flinke graat is blijven steken in de kelen van promovendus Tim Bleeker en klimaatwetenschapper Appy Sluijs. Die schreven in de Volkskrant deze week een venijnig stuk over de column van Sommer. Dat komt hier op neer: de politiek neemt beslissingen en de wetenschap levert de feiten. Letterlijk schreven ze:

“Klimaatwetenschappers hebben echter wel een belangrijke taak in het klimaatdebat, want zij voorzien politici, rechters, economen, demografen en andere beleidsmakers van de cruciale natuurwetenschappelijke informatie die nodig is voor klimaatbeleid. Andersom is het niet de taak of expertise van politici, columnisten of (klimaat)economen (zoals Richard Tol) om feitelijke bevindingen van natuurwetenschappers ter discussie te stellen.

Wat Sommer doet, is misleidend en gevaarlijk. Hij suggereert dat het politieke karakter van de klimaatdoelstellingen het gevolg is van wetenschappelijke dissensus. Bovendien bagatelliseert hij de gevolgen van klimaatverandering en legitimeert hij struisvogelgedrag.” Lees verder

Nogmaals Richard Tol

Een week geleden werd Richard Tol voor de Telegraaf geïnterviewd door Edwin Timmer. De Nederlander Richard Tol, hoogleraar klimaateconomie van de VU en de Universiteit van Sussex, is allergisch voor de onheilstijdingen over de opwarming van de aarde. Hier een paar opmerkelijke uitspraken van Tol:

“The New York Times kopte dat klimaatverandering tien procent van de Amerikaanse welvaart gaat kosten. Talloze media schreven dat over. Maar het betreft het meest extreme scenario, dat de opwarming deze eeuw op een onwaarschijnlijke acht graden schat. Bovendien veronderstelt het dat mensen zich noch fysiologisch noch qua gedrag of leefomgeving aanpassen. Dat druist in tegen elk epidemiologisch onderzoek. Een volstrekt onzinnig getal.”

Op de vraag waar toch die anderhalve graad opwarming vandaan komt zegt Tol:

„Het is mij volstrekt onduidelijk. Het is puur politiek, net als de eerdere twee graden doelstelling. Die is ooit bedacht door twee Duitse regeringsadviseurs, vervolgens werd dat overgenomen door toenmalig milieuminister Merkel, bondskanselier Kohl, de Europese Unie en de hele VN. Maar het wordt niet ineens veel slechter als de wereld geen twee maar 2,1 of 2,5 graden opwarmt.”

Tol was ooit verbonden aan het IPCC. Op de vraag hoe het daar aan toe gaat zegt hij:

„Het IPCC moet slechts de beschikbare wetenschap samenvatten. Maar een kleine groep duwt het in een bepaalde richting. Het is groepsdenken. Eerst zijn er conclusies, daarna zoeken ze de onderbouwing erbij. Zo is financiering gezocht om modellen over anderhalve graad in dit IPCC-rapport te krijgen. Dat hoort natuurlijk niet. Dit is geen weldoordachte, rijpe wetenschap.”

Nederlanders moeten van het gas af. Alle gebouwen van gas los kost 450 miljard euro.

„Ik heb dat met verbazing gelezen. Hoe wil je die huizen warm houden? Nederland is niet geschikt voor warmtepompen. Die werken veel beter in een landklimaat en steviger bodems…. Dat lijkt me te duur voor de baten. Ik woon in Engeland op het platteland. We hebben een olietank in de tuin. Daarmee verwarmen we het huis. Dat werkt prima. Maar als je met een warmtepomp de Nederlandse winter door moet, denk ik dat mensen bij willen stoken.”

Enfin, een professor die recht voor zijn raap praat en niet wacht tot hij met pensioen is gegaan.  Het hele interview is hier te lezen.    (gratis inlog aanmaken).

Het ijs op Groenland 2018

Bron: Trouw

Afgelopen week werden we opgeschrikt door een alarmerend bericht:  een publicatie  in Nature zou hebben aangetoond dat de smelt op Groenland van pakweg de afgelopen 25 jaar niet meer valt onder de natuurlijke schommelingen  en dus aan de mens moet worden toegeschreven. Nu is het merkwaardige dat juist rond klimaatconferenties dit soort berichten vaker lijken te verschijnen. Ik heb een paar weken geleden al voorspeld dat met de naderende conferentie in Katowice de klimaat-alarmerende berichtgeving ook flink zou gaan toenemen. Een makkelijke voorspelling.

Aan die publicatie in Nature werkte ook een Nederlander mee, Michiel van den Broeke. Die is professor in Utrecht en heeft veel meer verstand van Groenland dan ik. Daarom ga ik binnenkort die publicatie eens grondig doorlezen. Als ik wat leuks vind meld ik het natuurlijk. Overigens stond onder de foto hierboven (Trouw) : Een gletsjer in West-Groenland hangt met zijn uiteinde in de Noord-Atlantische Oceaan. Dat water op de voorgrond is dus geen smeltwater maar zeewater en het plaatje paste dus eigenlijk niet bij het onderwerp. Maar een kniesoor die daar op let, ijs met veel water is al o.k.

Bron:  DMI

Voorlopig heb ik ander nieuws over Groenland, of eigenlijk hetzelfde nieuws als vorig jaar. Vorig jaar schreef ik een aantal berichten over de sneeuwval in Groenland, zie o.a. hier (lezen denk ik). Lees verder

Spring Sybrand, spring!

 

 

 

 

 

 

 

Prof. Richard Tol

Alweer een vlijmscherpe column van Martin Sommer in de Volkskrant. Ik kan het niet laten om daaruit te citeren.  Laat het alsjeblieft geen aansporing zijn om een abonnement op de krant te nemen, want ik kan u uit ervaring vertellen dat u zich dan iedere dag door veel linkse bagger heen moet ploegen. Kwaliteitskranten bestaan in Nederland helaas niet. Maar vandaag was er weer een pareltje van Sommer.  Het gaat natuurlijk over het klimaat, en ook over de gele hesjes. Nu we die klimaattop in Katowice beleven (bijna 20.000 deelnemers, die bijna allemaal komen invliegen) staat de krant elke dag vol met alarmerende berichten, het is verschrikkelijk. Sommer haalt prof. Richard Tol aan, over hem heb ik al eens wat op Klimaatgek geschreven. Een klimaatkenner met ballen, die Tol, dat mag je wel zeggen. En hij zat ooit bij het IPCC, dus weet uit ervaring hoe de spruitjes gekookt worden.  Enfin, hier een excerpt van Sommers commentaar:

“Een paar jaar na de val van de Muur was ik in Oost-Berlijn, om te praten met een journalist uit de voormalige DDR. Hij heette Alexander Osang en hij was een tobber. Ik wilde weten hoe het was om in de communistische tijd voor de krant te werken. De formule heette Argumentieren durch Tatsachen, vertelde hij. Argumenteren via de feiten. Er waren in de DDR geen meningsverschillen, aangezien het wetenschappelijk socialisme heerste op aard. Je hoefde alleen de feiten te melden, over productie bijvoorbeeld, ook al moest hier en daar iets worden bijgebogen. Wie de macht heeft, heeft de feiten. Lees verder

Bernice Notenboom en de ijsdikte op de Noordpool.

Afgelopen week stond er in de Volkskrant een interview met journaliste Bernice Notenboom.  Bernice is gespecialiseerd in de poolgebieden en mag wel een activiste genoemd worden. Zie onder ander dit bericht. Bernice heeft in 2014 samen met anderen een voettocht gemaakt van de geografische noordpool naar Ellesmere Island in het uiterste noorden van Canada, een tocht van ruim 800 km. Ik moet zeggen, mijn petje af voor zo’n tocht onder barre omstandigheden.

Notenboom vertelt in het interview dat ze waarschijnlijk de laatste poolreiziger is die deze tocht heeft ondernomen. “Het ijs is te slecht. Vliegtuigen die je in geval van nood moeten kunnen oppikken hebben ijs van 1,5 meter dik nodig om te kunnen landen en opstijgen. Dat is er bijna niet meer. Verzekeringspremies zijn onbetaalbaar geworden.”  Even verderop: “Er zijn onvoldoende wetenschappers die in begrijpelijke taal praten over klimaatverandering. Ik ben vrij dat te doen. Natuurlijk moet ik oppassen. Alles wat ik zeg en schrijf over de Noordpool check en dubbelcheck ik.”

Dat laatste spreekt me aan, want dat doe ik ook. Dus ging ik checken of de uitspraak van Bernice over de dikte van het ijs klopt. De afgelegde route vond ik op de website van de tocht en is in de figuur hierboven met een gele lijn aangegeven. De tocht begon op 2 april 2014 en duurde 50 dagen. Op 14 mei 2014 komt men aan op Ellesmere Island in het noorden van Canada. Lees verder

Wie niet aan tafel zit, staat op het menu.

Foto:  Volkskrant

Bovenstaande uitspraak sloeg in het opiniestuk van Martin Sommer van 1-12-2018 (Volkskrant) op het preventieakkoord, dat ‘met brede steun’ omarmd is door allerlei belanghebbenden. Sommer fileert daarin perfect het manco van de huidige verzorgingsstaat. Hij gebruikt als voorbeeld ook de ‘klimaattafels’ van Nijpels. Ik citeer:

“Iets dergelijks gaat op voor de klimaattafels van Ed Nijpels. Daar mochten de boze burgers die geen windmolen in hun achtertuin willen, niet aanschuiven. Zij zijn dus de sigaar. Zo werkt besturen anno 2018, want dit zijn nog maar twee akkoorden, van de tien die ik in het regeerakkoord heb geturfd. Dit is het kabinet van de akkoordenziekte en het bijzondere is dat ze er nog trots op zijn ook. Lees verder

De opwarming van Nederland


Nederland is de afgelopen eeuw warmer geworden. Vanaf 1901 t/m 2016 is de temperatuur in De Bilt ruim 1,6 °C gestegen. Het verloop van de temperatuur van jaar tot jaar in De Bilt is in bovenstaande grafiek met de blauwe lijn weergegeven.  Het betreft de gestandaardiseerde maar niet gehomogeniseerde data van De Bilt. Die lijn danst flink op en neer, het ene jaar is duidelijk het andere jaar niet. Om te weten wat de trend is kun je er een lineaire trendlijn doorheen trekken.  Dat is de rode lijn in de grafiek.

Lees verder

Satellietmetingen van de zeespiegel


Jason-3 satelliet

Al in 1978 zijn er pogingen geweest om de zeespiegel vanuit de ruimte te meten. De eerste missie was van Seasat in 1978. Helaas duurde die metingen maar 24 dagen en de missie werd door kortsluiting beëindigd. Ook met Geosat werd in de jaren ’80 een poging gedaan. Sinds 1992 worden zeespiegelveranderingen gemeten met behulp van hoogtemeters aan boord van satellieten. Achtereenvolgens zijn dat TOPEX/Poseidon (6-12-1992 tot 10-1-2002), Jason1 ( 15-1-2002 tot 2-7-2008), Jason2 (3-7-2008 tot 2016) en Jason-3 (2016 tot heden).

De schatting van de satelliet-hoogtemeter is gebaseerd op de afstand tussen de gemeten zeespiegel en het midden van de aarde (geocentrische zeewaterhoogte of SSH). Dat gebeurt door de gemeten afstand tussen de satelliet en zeeoppervlak (na correctie voor veel effecten op het radarsignaal) van de precieze baan van de satelliet af te trekken. Onderstaande grafiek geeft de constructie van de zeespiegelstijging van1992 t/m 2017 weer. De trend over deze periode is volgens University of Colorado 3,1 mm/jaar (+/- 0,4 mm).

Zeespiegelstijging op basis van altimetrie volgens University of Colorado
Bron: University of Colorado Lees verder